Hoe ben je in de bibliotheeksector beland?
Mijn professioneel traject is een beetje atypisch. Na werkzaam te zijn geweest als assistent in de vakgroep Vergelijkende Cultuurwetenschappen aan de Universiteit Gent (UGent) was ik vijftien jaar actief in de Vlaamse en internationale erfgoedsector. Daar had ik van nabij te maken met archeologische sites, monumenten en musea. Depots en archieven waren dan ook nooit ver weg. Mijn focus lag altijd op de relatie tussen erfgoed en cultuur en welke rol erfgoed speelt in onze wereld vandaag. Op een bepaald moment kon ik terugkeren naar de UGent en belandde ik in de Faculteitsbibliotheek Letteren en Wijsbegeerte. Daar leerde ik de academische bibliotheekwereld van binnenuit kennen en kwam ik ook voor het eerst in contact met de VVBAD via wat toen nog Informatie aan Zee heette. Interessant daaraan was het contact met de brede wereld van bibliotheken, ook de openbare bibliotheken, en archiefinstellingen.
In hoeverre heeft je studie je voorbereid op je huidige job?
Ik ben niet vast te pinnen op één taak. Ik houd ervan om aan de balie te zitten, maar daarnaast ben ik ook bezig met beleidszaken en geef ik bibliotheekinstructies aan studenten. Van opleiding ben ik germanist, met dan later een focus op vergelijkende cultuurwetenschap en erfgoed. Mijn onderzoekservaring, mijn ervaring in leidinggevende posities, ook op internationaal niveau, en mijn ervaring in het coördineren van nationale en internationale projecten, vormen een goed fundament voor alles wat ik vandaag in de bibliotheek doe.
Met welke thema’s ben je beroepsmatig veel bezig?
Het zal je waarschijnlijk niet verbazen dat hét thema waar ik de laatste tijd mee bezig ben te maken heeft met artificiële intelligentie (AI). De impact op het academisch onderwijs is enorm. Ook de manier waarop we omgaan met bronnen, hoe we die vinden en beoordelen, ondergaat een revolutie. Het is moeilijk om alle implicaties te overzien.