Wat zijn de vijf pijlers voor een krachtige leesbevordering en hoe kunnen bibliotheken gebruikmaken van de Iedereen Leest Academie?
Sylvie: “De vijf pijlers voor een krachtige leesbevordering zijn leesbeleid, leesnetwerk, leesactiviteiten, leesaanbod en leesomgeving. Ze vormen een kapstok waar bibliotheken hun projecten aan kunnen ophangen en zorgen voor een gedeeld kader tussen professionals. De vijf pijlers staan centraal in de online leertrajecten die we aanbieden bij de Iedereen Leest Academie, die stoelt op bevindingen uit onderzoek en praktijk. We moedigen bibliotheken aan om die trajecten te volgen voor ze hun projectvoorstel uitschrijven. Vooraf bieden we ook een online infosessie aan over de regeling, waarin we de vijf pijlers toelichten. Zo kunnen bibliotheken betere keuzes maken die aansluiten bij hun noden. Via de Academie kunnen ze ook deelnemen aan online spreekuren als ze al een traject doorlopen hebben, wat verdere ondersteuning en inspiratie biedt.”
Welke voordelen biedt de hervormde regeling voor bibliotheken?
Paul: “De hervorming biedt zowel kleine als grote bibliotheken de kans om hun leesbevorderingsinitiatieven te professionaliseren. Vooral kleine bibliotheken krijgen zo toegang tot middelen en ondersteuning die anders misschien buiten hun bereik zouden vallen, terwijl grote bibliotheken de mogelijkheid hebben om hun bestaande aanbod te verdiepen of uit te breiden. De maximale subsidie van € 50.000 biedt financiële ruimte om substantiële projecten te realiseren die aansluiten bij de specifieke behoeften en capaciteiten van elke bibliotheek, ongeacht de grootte.”
Sylvie: “Met de hervorming van de subsidie en de verruiming van het budget die ermee samenhangt, kunnen bibliotheken duurzame projecten opzetten. Met het eenmalige projectgeld kunnen ze met andere woorden een netwerk opbouwen, kennis verwerven en een aanbod uitwerken dat een blijvende impact heeft. Voor de hervorming van de subsidie hebben we via een bevraging ook input gevraagd aan bibliotheken. Daaruit blijkt dat er al veel goede ideeën zijn voor projecten die binnen de hervormde regeling passen. Bijvoorbeeld een opleiding van voorleescoaches aanbieden voor ouders (leesnetwerk), een werking uittekenen gebaseerd op een doorgaande leeslijn (leesbeleid), interactieve voorleesmomenten organiseren (leesactiviteiten), laagdrempelige filmpjes inzetten om lezen zichtbaarder te maken (leesomgeving) en gerichter leesadvies en aanbevelingen geven aan bibliotheekbezoekers (leesaanbod).”