De veranderende rol van de bibliotheek is opvallend. Geboren in 1990, heb ik de opkomst van de computer en de gsm meegemaakt. De bibliotheek was tij- dens mijn jeugd voornamelijk een plek waar ik gratis en laagdrempelig gebruik kon maken van deze innovaties. Tijdens mijn opleidingen aan de universiteit werden bibliotheken en archieven een plek van studie en noeste arbeid. Af en toe een kijkje achter de schermen zorgde voor een appreciatie voor het beroep van informatiebeheerders. Tijdens een lerarenopleiding ontpopte de bibliotheek zich als een plek van ondersteuning; ik kon er met mijn klassen terecht voor vormingen en hulp op maat rond kritisch denken, mediawijsheid en burgerschapsvorming.
Als gebruiker veranderde de rol en relevantie van de bibliotheek voor mij door de jaren heen. Het boeiende is dat onze deelsector voor mij als bibliothecaris en informatiebeheerder ook een verandering doormaakte. Van bibliotheek naar leercentrum, van stille zone op de campus naar een gezellige derde plek, van papieren collecties naar een hybride verhaal, van kenniscentrum naar kennis- overbrengers en -ondersteuners. Het ene vervangt het andere niet, maar de (soms snelle) transformatie naar nieuwe dienstverleningen is wel overduidelijk. Dat onze dienst in het hoger onderwijs dat met volle overtuiging en kwaliteit bewerkstelligt in samenwerking met de opleidingen, is een teken van onze flexibele inzetbaarheid en relevantie.