Hoe ben je in de archiefsector beland?
Voor mijn licentieverhandeling (masterproef) ging ik in verschillende archieven op zoek naar bronnenmateriaal. Dat directe contact met materiële getuigen uit het verleden vond ik fantastisch. Meteen na mijn laatste jaar geschiedenis startte de interuniversitaire opleiding archivistiek op. Ik heb geen moment getwijfeld en kon met één bijkomend studiejaar een tweede licentiediploma behalen. Dat was wel het intensiefste jaar van heel mijn opleiding, want er was een omvangrijke stageperiode én opnieuw een masterscriptie. Ik heb die beide gecombineerd door het zegelbestand van het Leuvense stadsarchief te inventariseren en van een sigillografische beschrijving te voorzien. Toen wist ik wat ik met de rest van mijn beroepsloopbaan wilde doen. Twee jaar later was er een vacature voor een archivaris middeleeuwse tijd bij het Leuvens stadsarchief.
Hoe heb je de sector zien evolueren?
Voor jonge collega’s is het wellicht moeilijk voorstelbaar, maar toen ik dertig jaar geleden als archivaris begon, was er nog geen pc of e-mail en was een op fotopapier afgedrukte opname de standaardvorm om een archiefstuk te ‘reproduceren’. De digitalisering van onze samenleving heeft ook voor de archiefsector in heel korte tijd voor onvoorstelbare mogelijkheden gezorgd. Maar als ik een middeleeuws charter of een schepenbrief op perkament in handen heb, sta ik toch ook in bewondering. Vijfhonderd jaar geleden heeft het slechts één keer tijd en middelen gekost om die informatiedrager tot stand te brengen en na al die tijd zorgt dat document er nog onverminderd voor dat we van de inhoud kunnen kennisnemen. Zou dat met digital born informatie ook weer ooit mogelijk zijn?
Wat heb je al kunnen verwezenlijken? Op welke verwezenlijkingen ben je trots?
Ik ben al van meet af aan grote fan van de middeleeuwse en vroegmoderne archieven. Leuven is gezegend met intact bewaard gebleven schepenbanken stadsrekeningbestanden. Het was een grote uitdaging om voor die registers de stap van bewaring naar ontsluiting te zetten. De digitalisering – waarvoor ik daarnet nog een beetje kritisch was – heeft dat mogelijk gemaakt. Ik ben dan ook trots op het Itinera Novaproject, dat nu al vijftien jaar lang op intensief vrijwilligerswerk draait. Onze archiefvrijwilligers hebben alle 1127 schepenbankregisters integraal gedigitaliseerd, van metadata voorzien en online toegankelijk gemaakt. De vijftiende-eeuwse registers zijn ook grotendeels van integrale transcripties voorzien. Voor wie het laatmiddeleeuwse leven in stedelijke context in detail wil ontdekken, zijn die akten een onuitputtelijke kennisbron.