Dit artikel biedt een schets van het Vlaamse en Nederlandse archieflandschap. Wat is onze (gezamenlijke) geschiedenis? Welke verschillende soorten archiefinstellingen zijn er? Welke archiefbestanden bewaren ze? We beschrijven achtereenvolgens het archieflandschap in Vlaanderen en Nederland, en bekijken kort waar de verschillen en gelijkenissen zitten. Tot slot beschrijven we de ontwikkelingen en hedendaagse uitdagingen van archiefinstellingen in Vlaanderen en Nederland.
Oorsprong
Het ontstaan van onze archiefinstellingen moeten we plaatsen tegen de achtergrond van de Franse Revolutie. In 1794 werd in Frankrijk een wet ingevoerd die burgers het recht gaf op inzage van overheidsarchieven. Deze wet regelde ook dat er deskundigen aangesteld werden die bepaalden wat er bewaard diende te worden: de zogenaamde ‘triagecommissie’. Vervolgens kregen de Zuidelijke Nederlanden de eerste ‘archiefbewaarplaatsen’ waar burgers inlichtingen konden opvragen. In de Noordelijke Nederlanden werd na de bezetting door de Fransen in 1802 een Archivaris der Bataafsche Republiek benoemd. Na de Franse tijd is er tot de Belgische opstand van 1830 sprake van één Verenigd Koninkrijk. In 1814 besluit koning Willem I dat archieven van voor 1794 naar een bewaarplaats gebracht moeten worden. En vanaf 1829 zijn archivarissen gemachtigd om toegang te verlenen tot bewaarplaatsen om in het algemeen belang geschiedkundige nasporingen te kunnen doen.
In Nederland volgt eind negentiende eeuw de oprichting van de Vereniging van Archivarissen in Nederland (VAN) met het oudste vakblad van Nederland: het Archievenblad. In die tijd verschijnt ook de beroemde Handleiding voor het ordenen en beschrijven van archieven. Kortom, in de negentiende eeuw zien we een gestage ontwikkeling van het archieflandschap en een institutionalisering van ons vakgebied. In Nederland wordt deze fase afgerond met de eerste Archiefwet van 1918.
Vlaanderen
We maken een onderscheid tussen publiekrechtelijke of overheidsarchieven, die een bestuurlijk-administratieve werking hebben (soms aangevuld met een cultureel-erfgoedwerking) en privaatrechtelijke of privéarchieven, die inzetten op een cultureel-erfgoedwerking. We starten met de publiekrechtelijke archieven. De wettelijke context voor publiekrechtelijke archiefinstellingen in Vlaanderen wordt gevormd door de federale Archiefwet en het Vlaamse Bestuursdecreet.
Rijksarchief
Op federaal niveau heb je het Rijksarchief, voluit het Algemeen Rijksarchief te Brussel en de negentien vestigingen van het Rijksarchief in de Provinciën (ARA). Het is niet enkel een archiefinstelling, maar ook een wetenschappelijke of onderzoeksinstelling die deel uitmaakt van de Programmatorische Federale Overheidsdienst (POD) Wetenschapsbeleid.¹ Het Rijksarchief verwerft en bewaart (na selectie) archieven van minstens dertig jaar oud van hoven en rechtbanken, openbare besturen en notarissen. Daarnaast bewaart het ook particuliere archieven van bedrijven, politici, verenigingen, families, enzovoort. Het jaarlijks budget van het ARA is circa 19 miljoen euro, waarvan 82% afkomstig is uit de dotatie van de POD Wetenschapsbeleid en 18% uit eigen middelen. Er werken zo’n 280 medewerkers bij het Rijksarchief, inclusief 116 wetenschappelijke onderzoekers.