Voorgeschiedenis van het cultuurbedrijf
Voor 2015 had de gemeente Sittard-Geleen een aantal organisaties die zich richtten op cultuur: een aantal bibliotheken onder de naam Biblionova, een theater, een poppodium, een filmhuis, museum Het Domein en het archief (het ‘Euregionaal Historisch Centrum’). Bezuinigingen en efficiënter werken zijn de redenen geweest waarom de culturele organisaties samengevoegd zijn tot één organisatie: Stichting De Domijnen.
Hoe werkten we samen voor De Domijnen?
Voordat De Domijnen van start ging, hadden we als archief al een aantal goede samenwerkingen. We zaten weliswaar niet in hetzelfde pand (we werkten zelfs lange tijd 6 kilometer verderop) maar vulden én vullen elkaar aan bij projecten. Zo liggen er regelmatig stukken uit het archief in tijdelijke tentoonstellingen en zijn veel erfgoedtentoonstellingen samen gemaakt. Een voorbeeld is het project Sanderbout, een Sittardse volkswijk. Bedacht vanuit het archief, samen met het museum en de wijk gemaakt. Dat resulteerde in een expo (eerst in de wijk, daarna in het museum), een boekje, vele foto’s en uren film die nu in het archief bewaard worden. Samen met verenigingen uit de samenleving werkten we al aan projecten zoals Open Monumentendag en de Maand van de Geschiedenis. Ook met de bibliotheek hadden we al goede banden. Zo hadden we samen een Erfgoedpunt, waarbij in de bibliotheek een scanner stond waar projectmatig archiefstukken gescand werden.
Wat gebeurde er onder De Domijnen?
Het doel van cultuurbedrijf De Domijnen was bezuinigingen. Die zijn ook doorgevoerd, maar niet altijd met het gewenste resultaat. Zo zorgden bijvoorbeeld onvoldoende mandaat en financiële problemen voor onzekerheid, ontevredenheid en rendementsverlies. Het staat dan ook buiten kijf dat zo’n fusie juist met investeringen gepaard moet gaan, in plaats van bezuinigingen. Intussen zitten het archief en het historisch museum in één gebouw, het Erfgoedcentrum. Aan de ene kant bevordert dat natuurlijk de samenwerking. Je zit samen in één gebouw en kunt daardoor gemakkelijk samenwerken. Ook bij de nieuwe tentoonstellingen wordt het archief vaak betrokken bij de voorbereidingen. Andere samenwerkingen zijn helaas (en vreemd genoeg) minder geworden. Redenen daarvoor: de wijze van organisatie van afdelingen en het gebrek aan mandaat op sommige plekken. Wat gemakkelijker werd, was onder andere de vrijwilligersinfrastructuur, want de zeventig (!) vrijwilligers van het archief worden nu gemakkelijker en beter gefaciliteerd.
Wat staat ons in de toekomst te wachten?
Heel De Domijnen zit op dit moment in een periode van transitie. De afdelingen, de voormalige aparte organisaties, zijn in nieuwe ‘huizen’ ondergebracht waarin ze logisch met elkaar verbonden zijn. Het archief is echter (als Regioarchief Sittard-Geleen) terug naar de gemeente Sittard-Geleen gegaan. Voor onze wettelijke taken en met het oog op een verkorte overbrengingstermijn en een e-depot, was het de verstandigste keuze om toch weer in de gemeentelijke structuur terug te komen. We zitten wel nog op dezelfde locatie als het museum, maar ook daar staat van alles te gebeuren. Het museum heeft de nieuwe naam Het Nieuwe Domein, en per 2026 komt de locatie Hedendaagse Kunst naar ons Erfgoedcentrum. Er zullen (forse) veranderingen komen, die ook de vrijwilligersinfrastructuur zullen beïnvloeden. Daarnaast gaat dit jaar gemeentearchivaris Peer Boselie, die dit model mee bouwde, met pensioen. Als zijn opvolger ook een hart heeft voor cultuur en naast onze wettelijke taken samenwerkingen mogelijk blijven, kan er een mooie toekomst zijn. De tijd zal het leren.
Zijn er ook voordelen aan een cultuurbedrijf?
Jazeker, die zijn er ook. Met het museum en het archief op één locatie in de historische binnenstad van Sittard zijn we beide eenvoudig te bezoeken, en is het voor groepen vaak ook leuk om een bezoek te combineren. Zeker met het museum hebben we goede samenwerkingen gehad de afgelopen jaren, en hopelijk blijven er nog vele volgen. En hopelijk kunnen we in de toekomst ook samen met de vrijwilligers, die nu bij De Domijnen ondergebracht zijn, grote stappen blijven zetten in het digitaal toegankelijk maken van de archieven.