De vernieuwde bibliotheek van het ModeMuseum Antwerpen

META Nummer 2023/6

De vernieuwde bibliotheek van het ModeMuseum Antwerpen

Geschreven door Dieter Suls
Gepubliceerd op 03.10.2023
IMPORTANT
IMPORTANT
Heropening MoMu 2022. © Dennis Ravays

De oorsprong van de bibliotheekcollectie van het ModeMuseum

Hoe vat je de ziel van een collectie samen? Wellicht is het belichten van de dynamiek achter een verzameling de beste keuze. De basis van de verzameling van het ModeMusem Antwerpen (MoMu) ligt in de jaren 1930, in het idee van een groep Antwerpse historici om een museum voor het Vlaamse culturele leven op te richten. Aan deze hoogdravende verwachting wordt niet volledig voldaan, maar ze resulteert wel in een diverse verzameling objecten die in het kasteel Sterckshof in Deurne samengebracht en tentoongesteld wordt. Van dat museum voor kunstambachten splitst eind jaren 1970 het Provinciale Museum voor Kostuum en Textiel Vrieselhof af, waarvan het MoMu de erfgenaam is. In de marge van deze beweging komt er ook een set boeken, tijdschriften en archiefdocumenten mee die dienstdoet als handbibliotheek voor de conservator van het museum.

Na enkele jaren krijgt de bibliotheek een eigen ruimte. Bovendien wordt er een halftijdse medewerker aangesteld die de bibliotheekcollectie verder zal uitbouwen en registeren, en de eerste bezoekers zal ontvangen.

1999 is een jaar van transitie: de medewerkers en de collectie van het Provinciaal Museum voor Kostuum en Textiel worden ingekanteld in het nog op te richten MoMu. Op dat moment is de collectie van de bibliotheek uitgegroeid tot circa 5.000 volumes. De zwaartepunten van de verzameling situeren zich in de onderwerpen textiel en (historisch) kostuum.

In 1999 wordt een wetenschappelijk bibliothecaris aangesteld en wordt mode een (bijkomend) zwaartepunt binnen het verzamelbeleid van de bibliotheek. Vanaf dat moment wordt de bibliotheekwerking ook in toenemende mate afgestemd op de Modeafdeling van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten (KASK), waarmee de MoMu-bibliotheek onder één dak zal komen in het gebouw ModeNatie. Het is ook in die periode dat de bibliotheek de verzameling van Wiebe Stodel, Nederlander en verwoed verzamelaar van boeken over streekdrachten, verwerft. Hierdoor verdubbelt de omvang van de bibliotheekverzameling en kan de MoMu-bibliotheek in 2002 openen met een wereldomvattende collectie. Vanaf 2002 wordt deze collectie geconsulteerd in een ruime leeszaal met geklimatiseerd bibliotheekdepot in de nieuwe MoMu-bibliotheek.

IMPORTANT
Nieuwe leeszaal MoMu. © Matthias De Boeck

De verzameling mode-efemera en -documentatie dient apart vermeld te worden. Door de oprichting van het MoMu breidde ook het netwerk van het museum uit naar professionals uit de modesector (ontwerpers, journalisten, stylisten, kopers, enzovoort). Via dat netwerk werd een grote en diverse collectie documenten uit de modescene verzameld, die erg waardevol is bij het bestuderen en documenteren van designermode, met name persmappen, uitnodigingen en lookbooks. Deze verzameling ‘efemera’ is bijzonder en geeft een zeer rijk en divers beeld van de modesector.

VERBOUWING 2.0 Vervolgens is 2018 een belangrijk jaar, het museum sluit dan voor de ingrijpende verbouwing en renovatie van de ModeNatie. Vijftien jaar na zijn opening in 2002 wordt het museum onder meer uitgebreid met een nieuwe exporuimte op de benedenverdieping, een café en shop, en een auditorium. Tevens volgen een aantal technische verbeteringen in het gebouw en wordt de leeszaal van de bibliotheek aangepakt. De voornaamste ingrepen in de leeszaal betreffen het vergroten van de capaciteit, een nieuwe balie en nieuw meubilair en, last but not least, de integratie van een studiecollectie in de bibliotheek.

DE STUDIECOLLECTIE De meeste museumverzamelingen zijn niet toegankelijk voor bezoekers. Nochtans herbergen ze schatten aan informatie. Het idee achter de studiecollectie van het MoMu is de drempels uit de weg te ruimen die bestaan tussen museumcollecties en bezoekers.

Die drempels zijn tweeërlei: enerzijds deontologisch en anderzijds praktisch. Het deontologische bezwaar kan als volgt geformuleerd worden. Een museum heeft de plicht om zijn verzameling zo optimaal mogelijk te bewaren. Hoe verzoen je dat principe met het inherente verval veroorzaakt door het consulteren van een museumcollectie? Die problematiek wordt nog eens versterkt door de specifieke aard van de MoMu-collectie, omdat kleding en textiel erg broos zijn en dus extra gevoelig voor manipulaties. De oplossing voor dat deontologische vraagstuk bestaat erin om een aparte deelcollectie te creëren, met als specifiek doel deze te laten consulteren, ongeacht het verval dat daarvan het gevolg zal zijn. Die ‘studiecollectie’ wordt samengesteld uit objecten die al in voldoende mate in de reguliere museumcollectie vertegenwoordigd zijn, objecten die in slechte (nietopstelbare) staat zijn (bijvoorbeeld fragmenten, stalen, gedemonteerde of beschadigde stukken), objecten die buiten het verzamelgebied vallen, enzovoort. Kortom, de studiecollectie bestaat uit objecten waarvan het mogelijke verlies geen onherstelbare schade aan de museumcollectie berokkent.

IMPORTANT
Oude druk: Costumi di Roma i sua Contorni (1830)

Het voornaamste praktische bezwaar is vervolgens: hoe begin je een dergelijke collectie op te bouwen en hoe organiseer je de raadpleging ervan? Hoewel het idee om een studiecollectie op te starten al langer speelde, bevindt het nulpunt van MoMu’s studiecollectie zich in 2012, het tijdstip van de verwerving van de collectie van Jacoba de Jonge. Deze Nederlandse verzamelaar gaf vele cursussen en lezingen over kostuumgeschiedenis. Tijdens die lezingen maakte ze graag gebruik van een aparte set historische objecten die ze inzette als didactisch materiaal. Direct contact met objecten is noodzakelijk om een goed beeld te kunnen vormen van en over de geschiedenis van een kledingstuk. Het tactiele aspect is daarbij belangrijk. Je moet een object kunnen manipuleren om het te begrijpen en je moet de binnenkant van een object kunnen bestuderen. Dergelijke kennis kun je niet via literatuuronderzoek opdoen. De studieverzameling van Jacoba de Jonge werd geschonken aan het MoMu en bevatte beschadigde objecten, fragmenten, stalen, reconstructies, enzovoort. In totaal zijn het meer dan 500 objecten.

Gelijktijdig met de verwerving van deze collectie startte een cultureelerfgoedproject (met steun van de Vlaamse overheid) over het gebruik van studiecollecties in academische en erfgoedcontext, in samenwerking met het Departement Conservatie en Restauratie van de Universiteit Antwerpen (UAntwerpen). Een van de concrete resultaten van het project is een langdurige bruikleen van de UAntwerpen aan het MoMu. Die bruikleen omvat een selectie van ongeveer 300 objecten uit de studieverzameling van de UAntwerpen, een collectie historische kleding en streekdrachten die gebruikt wordt om studenten op te leiden.

Dankzij nog enkele andere grotere en kleinere schenkingen is de MoMustudiecollectie ondertussen uitgegroeid tot ongeveer 2.000 objecten. De collectie wordt sinds september 2021 ontsloten in de leeszaal van de MoMu-bibliotheek. We geloven sterk in de toegevoegde waarde van direct objectgericht onderzoek. Daarom wordt deze studieverzameling steeds onder toezicht en na afspraak geconsulteerd. Daarnaast wordt de studiecollectie ook gretig ingezet als studiemateriaal bij lezingen en diverse educatieve projecten van het museum.

Waarom lid van de VVBAD worden?

  • Deel zijn van het netwerk van experten en collega's
  • Mee de belangen van de informatiesector behartigen
  • Korting krijgen op de activiteiten van de VVBAD
  • Toegang krijgen tot vakinformatie
  • Participeren in de verenigingsbesturen
Word lid
© Vlaamse Vereniging voor Bibliotheek, Archief & Documentatie vzw
Statiestraat 179 | B-2600 Berchem (Antwerpen)
Tel: (+32) 03 281 44 57 | email: vvbad@vvbad.be